Linksboven   Rechtsboven
 
 

Het Kempen Lam

Schapen zijn er in ons land al zo’n 5.000 jaar. Naarmate er meer schapen gehouden werden en de graasdruk groter werd, veranderde het landschap. Bos werd heide, rijk geschakeerd met vennen, kreupelhout, bosjes en zandverstuivingen. Het schaap veranderde mee: het evolueerde tot het best aangepaste graasdier in dit milieu. Botvondsten uit de vroege middeleeuwen tonen aan dat het Kempische Heideschaap al eeuwenlang in deze streek geworteld is. Schapenmest was een belangrijke bouwsteen voor de vruchtbaarheid van de bolle akkers. Wol van Kempische Heideschapen legde de basis voor de wolindustrie in o.a. Tilburg en Herentals. De bevolkingsexplosie door de industriële revolutie en de uitvinding van kunstmest maakten een eind aan de ‘heidelandbouw’. Herder en Kempische Heideschapen werden overbodig. Rond 1960 was het ras zo goed als uitgestorven. De Stichting Het Kempische Heideschaap kocht vanaf 1967 de laatste exemplaren aan. Hiermee werd de kudde van de Strabrechtse Heide gevormd, waaruit nieuwe kuddes ontstonden die nu op vele terreinen worden ingezet. In 1996 werd de Vereniging Stamboek het Kempische Heideschaap opgericht met als doel het functionele behoud van het Kempische Heideschaap.
Kijk op www.kempischheideschaap.nl voor meer informatie over het ras.

 

Logos